Kikkerbilletjessoepje met spinazie |
|
|
Voor de kippenfond: 3 wortelen, grof versneden 2 uien, grof versneden groen van 1 prei groen van 1 selder 5 l water 4 kippenkarkassen of 2 soepkippen tijm laurier een teentje look peperbollen zout Voor de soep: 32 kikkerbillen 1 kg spinazie zout Voor de roux: 70 gr boter 100 gr bloem Voor de liaison: 2 eierdooiers 2 dl room |
|
BereidingMaak een gevogeltefond: breng de kippenkarkassen samen met wortelen, de uien, de prei en de selder aan de kook in 5l water. Doe er tijm, laurier, look, peperbollen en zout bij. Laat minstens 1 uur trekken.Passeer de fond. Kook de kikkerbillen gaar in een weinig bouillon (gevogeltefond). Verwijder het vlees van de beentjes. Laat de fond inkoken tot ongeveer 3 l. Verwijder de nerven uit de spinazie, was en gaar ze zonder deksel enkele ogenblikken in kokend gezouten water. Verfris onder koud stromend water. Laat uitlekken en duw voorzichtig uit. Hak ze. Maal de spinazie met een weinig bouillon fijn in een blender of met de mixer. De spinazie moet heel fijn gemalen worden, omdat dit de kleur van de soep bepaalt. Maak een roux: smelt de boter, roer er de bloem onder en laat drogen op het vuur. Bind hiermee de bouillon (ongeveer 3 l) en laat enkele minuten inkoken. Voeg de gemalen spinazie bij de bouillon, maar laat niet meer koken, want de soep mag niet verkleuren. Breng op smaak met peper en zout. Klop de eierdooiers met de room los en giet deze liaison op het kikkerbillenvlees in de soepkom. Vul aan met de soep. Roer even, zodat de eierdooiers niet stollen. |
|
Home > Recepten

